De Waddenzee - Marije
Uit Lorentz
Naam: Marije Monnickendam
School: Lorentzschool
Groep:8a
Datum: donderdag 07-05-09
Inhoud |
Voorwoord.
Ik heb dit onderwerp gekozen, omdat ik de Waddenzee een bijzondere zee vind. Ik heb ook dit onderwerp genomen, omdat ik er nog niet zo veel vanaf weet en omdat ik elk jaar met de boot over de Waddenzee naar Terschelling ga. Dit jaar ben ik er ook weer heen geweest. Op Terschelling ging ik naar de Waddenzee. Daar zaten heel veel wadvogels. Ik ben ook naar een museum op Terschelling geweest. Dat ging over dieren in het Waddengebied en ook over de Waddenzee en het eb en vloed van de Waddenzee. Daar heb ik veel informatie vandaan kunnen halen. Ik weet niet zeker of het een zeehond was, maar als het een zeehond was heb ik ook nog een zeehond gezien.
Inleiding
In dit werkstuk vertel ik over de Waddenzee. Logisch, want mijn werkstuk gaat over de Waddenzee. Ik vertel ook wel wat over de Waddeneilanden, maar het meeste over de Waddenzee zelf. Bijvoorbeeld: Waar ligt de Waddenzee? Hoeveel inwoners hebben de Waddeneilanden? Waar verdienen de mensen op het eiland hun geld mee? Wat voor dieren leven er in de Waddenzee? Wat is er bij de Waddenzee zo bijzonder aan eb en vloed? Waarom is het goed om de Waddenzee te beschermen? Alle antwoorden op dat soort vragen vind je in mijn werkstuk dus lees maar snel verder!!!
Geografie
In dit hoofdstuk ga ik vertellen over waar de Waddenzee ligt en hoe groot hij is en over hoe de Waddenzee eruit ziet.
1.1 Waar ligt de Waddenzee en hoe groot is hij?
De Waddenzee ligt in het noorden van Nederland. Hij verbindt Noord- Holland, Friesland en Groningen met Texel, Vlieland, Terschelling, Ameland, Schiermonnikoog en Rottumeroog. Dat zijn de Waddeneilanden. Boven de Waddeneilanden ligt de Noordzee.
Kaart 2: Waddenzee: met eilanden en droodvallende delen zijn groen.
De Waddenzee ligt niet alleen maar in Nederland, maar ook in Duitsland en Denemarken (zie kaart hieronder en kaart bijlage 1). In totaal is de Waddenzee 8000 vierkante kilometer. Het Nederlandse deel is 2500 vierkante kilometer. Als je bedenkt dat Nederland een oppervlakte van 41526 vierkante kilometer heeft is dat best veel. In dit werkstuk gaat het alleen maar over het gedeelte van de Waddenzee dat in Nederland ligt.
![]()
Kaart 3: Waddenzee: Nederland, Duitsland en Denemarken 2
1.2 Hoe ziet de Waddenzee eruit?
Het bijzondere van de Waddenzee is dat als het eb is tweederde van de Waddenzee droog valt. Dat deel wordt het wad genoemd en daarop kan je wadlopen. Twee keer per 24 uur is het eb en dus ook twee keer vloed. Het is eb als het hoogwater was en het gaat dalen. Zodra het niet meer daalt noem je dat laagwater. Het is vloed als het laagwater was en het gaat stijgen. Zodra het niet meer stijgt noem je dat hoogwater. Eb en vloed ontstaat door de aantrekkingskracht van de zon, maar vooral door die van de maan.
Het verschil tussen hoog en laagwater in de Waddenzee is niet overal hetzelfde. Bij Den Helder is het 136 cm en bij Delfzijl 280 cm. Ik zei al dat de Waddenzee bij eb droog valt. Dat betekent dat de Waddenzee niet zo diep is als andere zeeën.
1.3 Zeegaten, geulen en prielen.
Telkens als het vloed is komt er ongeveer 8 miljard kubieke meter water de Waddenzee in (dat zijn ongeveer 11 miljoen zwembaden vol). Dat water komt uit de Noordzee tussen de eilanden door naar de Waddenzee. Dat heten zeegaten. Deze zeegaten zijn diep, omdat er zoveel water doorheen moet. Het Marsdiep tussen Texel en Den Helder is wel 50 meter diep.
In de Waddenzee stroomt het water verder door geulen die steeds smaller en ondieper worden. Deze geulen blijven altijd gevuld met water. Ook als het laagwater is. Dan kunnen de schepen de havens van Den Oever, Harlingen, Lauwersoog en Delfzijl ook bereiken als het laag water is.
Een geul heeft ook aftakkingen. De aftakkingen van geulen die droogvallen bij laagwater worden prielen genoemd.
priel
2
1.4 Zand, slik en kwelders.
De wadden bestaan voor 90% uit zand, als ze droogvallen. Daardoor is er een stevige bodem. Een klein deel van het wad bestaat uit zand met slib en een nog kleiner deel uit alleen slib. Slib bestaat uit heel kleine zandkorreltjes. Als het een bodem wordt heet het slik. Dan is de zandbodem blubberachtig. Als je gaat wadlopen kan je makkelijk wegzakken in de slik. Het is zand als je niet wegzakt en slikwad als je tot je knieën wegzakt.
Maar hoe komt het dan dat er op sommige plaatsen zand ligt en op andere plaatsen slik? Als het vloed is neemt het water uit de Noordzee zand en slib mee.
zand slik
Slibdeeltjes zijn hele kleine vlokjes in het water. Omdat ze zo klein zijn neemt het water ze heel makkelijk mee. Ze komen dan ook verder in de Waddenzee dan de zandkorrels. Als het water erg wild is kan slib niet zinken. Zandbodems vind je dus vooral bij de zeegaten en de geulen. Slik vind je meer bij de prielen. Een zandbodem herken je aan zijn ribbels en een slikbodem herken je aan de blubber (zie plaatjes hierboven).
Achter de dijk kan je soms niet meteen de Waddenzee zien, maar nog een stuk land. Dat heet een kwelder. Dat is daar uit zichzelf gekomen. Dat komt doordat de Waddenzee soms langzaam stroomt. Daar zinken de kleine zandkorreltjes en slib naar de bodem. Het zand stapelt zich op. Daardoor wordt de bodem steeds dikker. De zee stroomt er dan steeds minder vaak overheen. De zeebodem is dan een soort stukje land geworden. Niet land, maar kwelder. Er gaan plantjes groeien die tegen zout water kunnen.
Planten die daar goed kunnen leven zijn lamsoor, zeealsem, zeekraal en zeeaster. Als je zeealsem draagt is dat een heel goed middel tegen vlooien. Het heeft een soort zilveren kleur. Dat kan je op het plaatje hieronder zien.
Kwelder zeealsem
Andere planten zijn weer goed tegen hoofdpijn, buikpijn en diarree. In Engels lepelblad zit heel veel vitamine c. Dat namen mensen vroeger mee op zeereizen tegen scheurbuik.
1.5 Het landschap van de Waddeneilanden.
Ik vertelde in subhoofdstuk 1 al dat er 6 Waddeneilanden zijn. In de tabel hieronder staat hoe groot het eiland is en, hoeveel strand er is, hoeveel bos en hoe de vuurtoren heet. Rottumeroog staat niet in de tabel.
Tabel 1: Oppervlakte, bos, strand, fietspad, vuurtoren op waddeneilanden
eiland Texel Vlieland Terschelling Ameland Schiermon-nikoog
oppervlakte 16.000 ha. 4.052 ha. 9.000 ha. 5.900 ha. 3.900 ha.
bos 620 ha. 300 ha. 400 ha. 210 ha. 150 ha.
strand 30 km 12 km 30 km 27 km 18 km
fietspad 120 km 26 km 70 km 100 km 30 km
vuurtoren Eijerland Vuurboets-duin Brandaris Geen naam Geen naam
Bron: Zelf gemaakt. De informatie is van de Waddenvereniging.
2
Het landschap op een Waddeneiland is heel verschillend. Aan de kant van de Noordzee liggen het strand en de duinen. De breedte van het strand is bij elk eiland verschillend. Bij Vlieland en Ameland is het smal. Vooral op Schiermonnikoog is het strand heel breed. Op sommige stukken wel twee kilometer. Op de duinen achter het strand groeit soms niets en soms wel iets. De breedste duinen zijn op Texel. Daar zijn ze wel twee kilometer bij Den Hoorn. Achter de duinen liggen bos en polders. Meestal ligt er aan de kant van de Wadden (in het zuiden) een dijk. Daarachter kwelders. Alleen bij Vlieland niet. Daar is er ook geen polder. Op het grootste eiland (Texel) ligt ook het meeste bos. 100 jaar geleden was er nog helemaal geen bos. Ze zijn toen neergezet door Rijkswaterstaat. Dat was om te zorgen dat het zand niet te veel wegwaaide. Deze vakantie ben ik op Terschelling geweest. Op een fietstocht zag ik de Waddenzee, polder, bos en Noordzee. Eigenlijk alles dus.
2
2. Historie
In het vorige hoofdstuk heb ik verteld waar de Waddenzee ligt en hoe die eruit ziet en over eb en vloed. In dit hoofdstuk ga ik vertellen hoe de Waddenzee en de eilanden zijn ontstaan.
2.1 Hoe is de Waddenzee ontstaan?
150.000 jaar geleden was een groot deel van Nederland alleen nog maar zee (zie het eerste plaatje linksboven). Er was dus nog geen aparte Waddenzee. De Noordzee en de Waddenzee zaten aan elkaar vast. Het was wel al een ondiepe zee. Ongeveer 110.000 jaar voor Christus tijdens de ijstijd viel de zee steeds meer droog. Daardoor kon je 50.000 jaar geleden naar Engeland lopen. Ongeveer 10.000 jaar geleden kon dat ook nog. Daarna ontstond de Noordzee. In 5500 voor Christus was de kustlijn ongeveer zoals hij nu is.
Kaart 4: tijdoverzicht wadden 150.000 voor Christus tot 2000 na Christus
2
De zeespiegel bleef stijgen en daarom waren er vaak overstromingen. Dat werd al een soort Waddengebied, waarbij ook eilanden ontstonden. Ongeveer 1.500 jaar geleden ontstond Texel, maar Vlieland zat daar ook aan vast. Het had dus Vliexel kunnen heten. Je ziet op de onderste drie plaatjes dat Texel en Vlieland in 1200 na Christus uit elkaar getrokken zijn. In 1800 zijn de eilanden Texel en Eijerland aan elkaar vast gekomen. Dat is nu Texel. In 2000 zie je dat er nog iets veranderd was. Toen was de afsluitdijk aangelegd. Dat gebeurde in 1932. De Waddenzee werd zo afgesloten van de Zuiderzee. De Zuiderzee ging toen het IJsselmeer heten.
2.2 Hoe zijn de Waddeneilanden ontstaan?
Hieronder zie je een plaatje waarin je kan zien dat de vorm van de Waddeneilanden verandert en dat ze ook van plaats veranderen. Je ziet dat het eiland onrust in 1816 nog een stuk van Texel af lag en in 1896 eraan vast is gekomen.
Kaart 5: verplaatsing zandplaat razende bol en eiland onrust
Op de Waddeneilanden wonen al heel lang mensen. Op Texel zijn er twee stukken gereedschap van vuursteen gevonden. Die zijn 7.000 jaar oud. Toen was Texel nog niet eens een eiland. Ook op Vlieland wonen al heel lang mensen. Vlieland als apart eiland is in de middeleeuwen ontstaan door mensen. Monniken hadden een kanaal gegraven het Eyerlandse gat ligt. Dat is de zee tussen Texel en Vlieland.
2
Tijdens een harde storm overstroomde het kanaal en toen werd dat een zeegat. Tot 1286 kon je over het wad naar Terschelling lopen. Door een zware storm (de Hubertusvloed) kon je vanaf toen Terschelling alleen nog maar over zee bereiken. De eilanden worden beschermd door duinen en dijken. Daarom veranderen ze nu minder van vorm. Dat was vroeger anders. Zo bestond Ameland in 1600 uit duinen waar dorpen op lagen. Het waren zes dorpjes. De dorpen Sier en Oerd zijn door overstromingen en het stuiven van zand verdwenen. Er is een aantal keren geprobeerd om Ameland door een dam met het vasteland te verbinden. In 1871 werd er een dam gebouwd. 10 jaar later werd hij overspoeld door twee stormen. In 1965 was er weer een plan. Toen is de Waddenvereniging opgericht en kwam de dijk er gelukkig niet. Schiermonnikoog komt aan zijn naam doordat er monniken uit een klooster in Friesland ernaartoe liepen om hun koeien te laten grazen. Schier betekent grijs. Dat was de kleur van hun pijen. Oog is een ander woord voor eiland. Schier-monnik-oog betekent eiland van de grijze monniken.
Hierna zie je een plaatje waarop je kan zien hoe Schiermonnikoog van vorm verandert.
Kaart 6: verandering vorm en plaats eiland Schiermonnikoog
Nu weet je iets meer over het ontstaan van de Waddenzee en over de TV-TAS eilanden.
2
3. Demografie
In het vorige hoofdstuk heb ik verteld over het ontstaan van de Waddenzee en de eilanden. In dit hoofdstuk ga ik vertellen wie er leven in de Waddenzee en op de eilanden. Het gaat over de dieren in de Waddenzee, hoe het aantal zeehonden toeneemt en afneemt, hoe er nieuwe dieren geboren worden en over de mensen van de Waddeneilanden. Aan het eind laat ik zien dat iedereen elkaar opeet in de voedselketen.
3.1 Welke dieren leven er in de Waddenzee?
De Waddenzee is natuurlijk niet alleen maar saaie zee. Door eb en vloed beweegt de bodem van de Waddenzee veel. Daardoor leven er geen grote planten op de bodem van de Waddenzee. Er is wel heel veel voedsel. Dat zijn meestal kleine planten en diertjes die plankton worden genoemd. Dat wordt vaak gegeten door schelpdieren, garnalen en wormen. Er komen heel veel wormen voor in de Waddenzee. De zeepier is de allergrootste. Die kan namelijk wel 25 cm lang worden.
Zeepier
Bij eb liggen er heel veel kleine hoopjes op het strand. Dat is van de zeepier. Bij vloed komen er veel vissen naar ondergelopen zandplaten. Dat zijn vooral platvissen, maar ook heel veel andere vissen. Ze eten wormen, garnalen en krabbetjes.
In de Waddenzee leven veel zeehonden. Die kan je zien als ze op een zandplaat in de zon liggen. Een volwassen zeehond eet wel 5 kilo per dag. Dat is dus wel 35 kilo per week!!! 1820 kilo per jaar!!!Er bestaan twee soorten zeehonden. Dat zijn de grijze zeehond en de gewone zeehond. Als je naar een van de Waddeneilanden gaat kan je daar op zeehondentocht gaan om zeehonden te bekijken.
2
Op Texel is zelfs een zeehondenopvang. Dat is zeehondenopvang Ecomare. Daar verzorgen mensen zieke zeehonden. In het volgende subhoofdstuk zal ik laten zien hoe het aantal zeehonden tussen 1950 en 2006 toeneemt en afneemt.
3.2 De ontwikkeling van het aantal zeehonden.
Het aantal zeehonden in de Waddenzee is veel gedaald, maar gelukkig ook weer gestegen. Dat komt doordat er vroeger op zeehonden werd gejaagd, maar ook door ziektes en vervuiling.
Grafiek 1: zeehonden in de Waddenzee 1950-2008
jacht herstel vervuiling herstel ^ herstel ^ herstel
epidemie epidemie
Bron: Ecomare, Gerbrand Gaaff
2
In 1950 leefden er ongeveer 3000 zeehonden in de Waddenzee. Elk jaar werd dat minder doordat er ongeveer per jaar 500 of 600 zeehonden werden doodgeschoten. Dat deden ze omdat ze vonden dat de zeehonden te veel vissen aten.
Dat vind ik niet goed, omdat je ook in een gebied kan gaan vissen waar geen zeehonden zijn of dan gewoon maar wat minder vissen vangen. Rond die tijd kwam ook het dragen van zeehondenbont in de mode! In 1958 waren er nog maar 1000 zeehonden. In 1962 werd de jacht op zeehonden verboden. In de grafiek kan je zien dat vanaf toen het aantal zeehonden weer een klein beetje toenam. Maar in 1965 ging het aantal alweer omlaag door vervuiling van de Waddenzee. In 1975 waren er nog maar 500 zeehonden!!! Daarna kwamen er weer meer zeehonden. Dat kwam omdat de jacht op zeehonden toen ook in Duitsland werd verboden. Toen konden meer zeehonden van Duitsland naar naar Nederland zwemmen. Ook vervuilende stoffen werden verboden (PCB's). In 1988 en in 2002 kwam er een ziekte. Gelukkig herstelde dat weer snel. De grafiek eindigt in 2008. Toen waren er 6000 zeehonden in de Waddenzee.
3.3 De Waddenzee als kinderkamer.
Kinderen in de groei moeten goed eten en geen kou lijden. Bij jonge visjes is dat ook zo. De Waddenzee wordt de kinderkamer genoemd, omdat Het water ondiep is en daardoor warmer. Vissen zijn koudbloedig en groeien sneller in warm water. Ook wordt de Waddenzee beschermd door de Waddeneilanden en de rest van Nederland. Daardoor is er minder stroming. Het laatste waardoor vissen beter groeien in de Waddenzee is omdat er veel eten is: wadpieren, krabben en schelpdieren.
Een klein scholletje wordt bijvoorbeeld ergens in de Noordzee geboren tussen België, Nederland en Engeland. Dat is honderden kilometers van de Waddenzee vandaan. Dat is een bekende paaiplaats. Daar leggen heel veel moederschollen miljoenen eieren. Als een klein visje na ongeveer 10 dagen uit zijn ei komt, komt hij door de stroming van de
Noordzee in de Waddenzee. Hij doet vier maanden over de reis en is dan een paar centimeter. Hij zwemt er als een klein visje naartoe en als hij aankomt is hij een platvis geworden. Daar blijft hij 2 tot 3 jaar en als hij weer weggaat is hij 10 tot 12 centimeter.
2
Van klein visje naar scholletje.
Een maand lang is een schol nog maar een klein visje. Hij heeft een oogje aan de linker en aan de rechter kant. Hij zwemt rechtop, net als de meeste vissen. Dan gaat hij veranderen. Het linkeroog gaat naar de rechterkant en zijn rechteroog zakt een stukje. Hij gaat dan ook scheef zwemmen. Steeds schever. Net zolang totdat zijn linkerkant onderkant is geworden en zijn rechterkant bovenkant is geworden. Dan laat hij zich plat op de zeebodem zakken.
Daarna krijgt hij de kleur van de zeebodem, zodat hij beschermd is.
De Waddenzee is niet alleen een kinderkamer voor de schol, maar ook voor de tong, de haring en de sprot. Het grootste aantal vissen van de Waddenzee zijn kleine visjes. De haring komt pas na zes maanden in de Waddenzee en hij blijft er ook maar een paar maanden. Er zijn ook vissen die hun hele leven in de Waddenzee zijn: puitaal, botervisje en slakdolf. En er zijn vissen die alleen een deel van het jaar in de Waddenzee zijn, meestal de zomer: bot, greep en harder. In bijlage 2 staat een lijst met tekeningen van zeedieren.
3.4 Heel veel vogels.
Er zijn heel veel vogels. Dat komt doordat er heel veel voedsel is. Dat zijn garnalen. wormen, schelpdieren en vissen. Net als bij de vissen zijn er verschillende groepen. Sommige blijven het hele jaar in het Waddengebied, anderen komen alleen om te broeden en weer andere om alleen maar even uit te rusten. Dat zijn trekvogels. Daarvan zijn er wel honderdduizenden. Die gaan in de winter naar Afrika en in de lente komen ze weer terug en gaan dan door naar Scandinavië, Azië en Noord-Amerika.
Kaart 7: vogeltrek via Waddenzee
2
Er zijn heel veel verschillende soorten vogels: eenden, steltlopers (kluut, wulp en tureluur) en meeuwen.
Al die vogels hebben heel verschillende snavels. Een scholekster heeft een lange spitse snavel waarmee hij goed mossels kan eten. Een lepelaar heeft een brede snavel waarmee hij goed vissen kan vangen.
Logboek van vogels die ik op Terschelling heb gezien.
Ik ben vrijdag 24-04-09 een week op Terschelling geweest. Ik heb bijgehouden welke vogels ik gezien heb. Ik zet hem er alleen bij als ik hem de eerste keer heb gezien.
Zaterdag 25-04-09
Lepelaar, kievit, scholekster, rosse grutto, bergeend, mus, kokmeeuw, zilvermeeuw, rotgans, strandloper, tureluur en een fazant.
Zondag 26-04-09
Duif, kiekendief, kauwtje, meerkoet, reiger, merel, mantelmeeuw en een toppereend.
Maandag 27-04-09
Ekster, wilde eend en een roodborstje.
Dinsdag 28-04-09
Een zwaluw.
Woensdag 29-04-09
Een Kwikstaartje.
Donderdag 30-04-09
Koekoek en een kluut.
2
3.5 Aantal inwoners van de Waddeneilanden.
De grafiek hieronder heb ik zelf gemaakt met grafiektool en de cijfers van het Centraal
Bureau voor de Statistiek, cijfers 31 december 2008 (CBS).
Grafiek 2: inwoners Waddeneilanden, bron CBS
Op de Waddeneilanden wonen ongeveer 24000 mensen. Dat is dus niet echt heel veel. In Leiden wonen al ongeveer 117000 mensen. Meer dan de helft van de mensen woont op Texel. Daarna komt Terschelling (waar ik net op vakantie ben geweest) met bijna 5000 inwoners. Dan Ameland met 3466 inwoners. Daarna komen nog Vlieland (1146 inwoners) en Schiermonnikoog (944 inwoners). Rottumeroog heeft helemaal geen inwoners. Het is een onbewoond eiland.
Naast de bewoners van de Waddeneilanden zijn er verder nog meer toeristen dan er inwoners zijn!!! Vooral in de zomer.
2
3.6 De voedselketen.
In de vorige 5 subhoofdstukken heb ik verteld over alle dieren en mensen die leven in het Waddengebied. Ik heb ook verteld wat ze allemaal eten en dat er heel veel voedsel is in de Waddenzee. Hieronder zie je nog een keer wie wat eet.
Plankton wordt gegeten door wormen garnalen en schelpdieren. Wormen garnalen en schelpdieren worden gegeten door vissen, krabben, zeehonden en vogels. Vissen en krabben worden gegeten door zeehonden en vogels. Vissen en krabben worden ook gegeten door mensen. Die staat boven aan de voedselketen. In het volgende hoofdstuk ga ik vertellen over waar de mensen van leven op de Waddeneilanden. Ze leven daar van de visserij en van het toerisme.
2
4 Economie.
In het vorige hoofdstuk heb ik verteld over de dieren en de mensen die in het Waddengebied leven. Nu ga ik vertellen waar die mensen hun geld mee verdienen. De mensen leven vooral van toerisme en visserij.
4.1 Toerisme.
In het vorige hoofdstuk heb ik al verteld dat meer dan de helft van de mensen die op de Waddeneilanden zijn uit toeristen bestaat. Daar verdienen ze dus erg veel geld mee. Dit is het werk van de meeste eilanders (ongeveer 60%). De eerste toeristen kwamen al in 1850 naar de Waddeneilanden. Dat was op Ameland. In 1886 ook op Schiermonnikoog en na 1900 oook op de andere Waddeneilanden. Na 1960 werden de mensen rijker en toen kwamen er steeds meer mensen naar de Waddeneilanden toe. Dat deden ze met de boot. Ook daar konden mensen weer geld mee verdienen.
Heel veel geld wordt verdiend met: het verhuren van huisjes, musea, restaurantjes, rondvaarten, het verhuren van héél véél fietsen en boten.
Meer dan 2 miljoen toeristen bezoeken elk jaar de Waddeneilanden! Zij komen vooral voor een strandvakantie. Met het Oerolfestival in juni komen er heel veel mensen naar Terschelling. Er zijn dan allemaal optredens.
Toeristen. Koegelwieck. Boot naar Terschelling. Snelboot.
2
4.2 Visserij.
In de middeleeuwen was visserij al heel belangrijk. Daar werd veel geld mee verdiend. Ze hadden wel honderden boten. Er werd vooral gevist op schelvis, kabeljauw, schol en haring. Later werd er ook op oesters, kokkels en garnalen gevist. Rond 1900 was de vissersvloot nog maar heel klein. Er wordt nu weer meer gevist. In de Waddenzee wordt veel gevist op garnalen, paling, mosselen en kokkels.
Er zijn 150 schepen die op garnalen vissen. Per jaar wordt er 2 miljoen kilo garnalen gevangen. Op de visafslag wordt het verkocht.
Er zijn ongeveer 80 palingvissers. Palingen eten mosselen. Ze houden van slikgrond, want daar kunnen ze zich goed in verstoppen.
Er wordt het meest gevist op mosselen. Eerst vingen mensen mosselen vooral in Zeeland. Door een ziekte verdwenen daar veel mosselen. Dat was rond 1950. Toen zijn veel mosselvissers naar de Waddenzee gegaan. De helft van alle mosselen uit Nederland komen uit de Waddenzee. Er wordt daar alleen maar door Zeeuwen gevist. Er zijn ongeveer 113 miljard mosselen in de Waddenzee.
Er wordt ook op kokkels gevist in de Waddenzee. Vroeger werden kokkels met een soort hark gevangen.
Vanaf 1950 ook met boten die de grond met de kokkels erbij opzogen. Daarvoor waren er ongeveer 30 schepen. Die vingen ongeveer 30 tot 40 miljoen kokkels per jaar. Ze worden geëxporteerd naar andere landen: Spanje, Engeland en Italië. In 2004 heeft de regering het vissen op kokkels met schepen verboden. Daar kregen de vissers geld
2
voor, zodat ze er mee zouden stoppen. Het is verboden, omdat het slecht is voor het milieu. Het was niet goed voor de bodem en er bleven te weinig kokkels voor de vogels over (scholeksters).
Ik vind dat goed, omdat de vogels geen geld hebben om eten te komen en die vissers kregen het van het land. En sowieso is het dus niet goed voor de bodem van de Waddenzee. De kokkels worden niet eens gegeten hier in Nederland.
De politiek vond de natuur belangrijker dan de economie. In dit hoofdstuk ging het vooral over de economie. In het volgende hoofdstuk gaat het meer over politiek. Dan gaat het over gaswinning in de Waddenzee. Daar moeten ze ook weer kiezen tussen natuur en economie. Net als bij de kokkelvisserij.
2
5. Gaswinning en politiek.
5.1 Gaswinning in de Waddenzee.
Rond 1960 werd er pas ontdekt dat er veel gas in de bodem van de Waddenzee zit. In 1951 werd er in Nederland voor het eerst gas uit de bodem gehaald. Dat was in Coevorden.
In 1959 werd een heel groot gasveld ontdekt. Dat was bij Slochteren (in Groningen). De regering wilde niet dat dat te snel opraakte dus werd er toen ook geboord bij de Waddenzee. Met gas verdient Nederland veel geld. We gebruiken het niet alleen zelf, maar er wordt ook veel gas verkocht aan andere landen.
In het plaatje hieronder zijn de lichtgroene vlekken gasvelden.
Kaart 8: gasvelden Waddenzee in licht groen
5.2 Hoe is het gas in de Waddenzee gekomen?
Gas zit heel diep in de grond. Ongeveer drie of vier kilometer diep. Gas zit niet gewoon los in de grond, maar in zandsteen. In kleine gaatjes in zandsteen zit gas. Het is daar niet zomaar gekomen. Het duurde wel miljoenen jaren. Resten van planten en dieren zakten naar de bodem. Dat ging rotten. Dat was de eerste laag. Zand, grind en klei kwamen ook op de bodem door rivieren. Dat was de tweede laag. Toen kwam er nog zout uit de zee bovenop en dat was de derde laag.
Die lagen bewogen. Daardoor kwamen ze dieper in de aarde terecht. Toen ontstond er steenkool. Doordat het diep in de aarde heel heet is kon de steenkool verbranden. Dat werd gas.
2
5.3 Wel of niet boren in de Waddenzee.
De regering beslist of er wel of niet geboord mag worden in de Waddenzee. Dat is net als bij de kokkelvisserij in het vorige hoofdstuk. Daarvoor moeten alle ministers het met elkaar eens zijn. Er is een minister voor milieu. Die wil liever niet boren in de Waddenzee. Er is ook een minister voor economische zaken. Die moet zorgen dat er in Nederland genoeg geld verdiend wordt. Daarom wil hij wel boren in de Waddenzee.
De minister van milieu, de Waddenvereniging en Greenpeace vinden dat boren slecht is voor het milieu. De bodem van de Waddenzee zakt erdoor. Er is geluidsoverlast. Bijvoorbeeld van helikopters die naar boorplekken vliegen. Er is geen vervuiling van lucht en water. Het is niet helemaal duidelijk hoe erg het is voor het milieu. Bijvoorbeeld dat het niet duidelijk is of het zakken van de bodem heel erg is. Als gas uit zandsteen wordt gehaald gaan de gaatjes waar het gas in zat meestal dicht. Dan zakt de bodem. De bodem van de Waddenzee is al 6 cm gezakt op de plekken waar geboord is. Daar komt wel weer nieuw slib uit de Noordzee op. Maar er is berekend dat er minder voedsel komt voor vogels en dus ook minder vogels. Wel 2,5 tot 10% minder vogels. Dat vind ik slecht. En gasboren in de waddenzee is ook helemaal niet nodig. Er is nog genoeg gas bij Slochteren. Je kan beter zorgen, als dat op is, voor duurzame energie (windenergie en zonne-energie).
Er mocht van de Tweede kamer niet geboord worden in de Waddenzee. Daar ben ik het dus mee eens. Maar in 2007 kwam er een uitspraak van de Raad van State. Die zei dat het toch wel mag. Daar ben ik het dus niet mee eens.
2
Hieronder zie je dat er een beetje gas bij de Zuidwal wordt gewonnen, tussen Harlingen en Terschelling. Ik heb daar een boorplatform zien liggen toen ik met de boot terug kwam van Terschelling.
Grafiek 3: Gaswinning Waddenzee
2
6. Milieu
In het vorige hoofdstuk heb ik verteld over gasboringen in de Waddenzee. Daar moest de regering over beslissen. Dat vonden ze moeilijk, omdat het goed was voor de economie, maar slecht voor het milieu. In dit hoofdstuk ga ik vertellen waarom de Waddenzee beschermd moet worden en wie dat doen.
6.1 Waarom moet de Waddenzee beschermd worden?
In de vorige hoofdstukken heb je gelezen dat als je de Waddenzee niet beschermt het helemaal fout gaat. In hoofdstuk 3 las je dat er op zeehonden gejaagd werd. Ook gingen er zeehonden dood door de vervuiling. Dat kon je zien in de tabel...
In hoofdstuk 4 heb je gelezen kokkelvisserij, als het gebeurt met grote schepen, slecht is voor de bodem van de Waddenzee. In hoofdstuk 5 las je dat gasboringen ook slecht zijn voor de bodem van de Waddenzee.
De Waddenvereniging vindt dit:'Om de echte wilde natuur te beleven, heb je rust, ruimte en duisternis nodig. De Waddenvereniging wil dat het open uitzicht, de stilte en de duisternis blijven bestaan in het waddengebied en let daarom goed op zaken die dit kunnen bederven. Denk bijvoorbeeld aan lawaaiige militaire oefeningen, hoge bebouwing in het landschap en grote lichtgevende kassencomplexen.' De Waddenvereniging wil dat toerisme niet slecht is voor het milieu. Daarom kan je sommige plekken niet het hele jaar bezoeken. Bijvoorbeeld de Boschplaat op Terschelling. Daar kan je als de vogels broeden alleen met een boswachter in.
De Boschplaat: Beschermd natuurgebied op Terschelling.
2
6.2 Wie beschermen de Waddenzee?
Heel veel mensen beschermen de Waddenzee. Bijvoorbeeld de gemeentes en de provincies van het Waddengebied. Dat zijn 28 gemeentes en 3 provincies. Ze werken samen en ze willen dat het goed gaat met het milieu, maar ook met de economie. Voor toerisme is het belangrijk dat het goed gaat met het milieu. Omdat de gemeentes, provincies en het land letten op het milieu én de economie is het soms weleens zo dat ze voor de economie kiezen. Daarom zijn er ook nog andere verenigingen. Zij letten alleen maar op het milieu. Bijvoorbeeld de Waddenvereniging, greenpeace en de vereniging voor natuurmonumenten.
Logo Waddenvereniging
De natuur wordt ook beschermd door wetten van Europa en een wet van Nederland. Van Europa is dat de vogelrichtlijn. Dat betekent dat vogels beschermd moeten worden. En de tweede wet van Europa is dat het Waddengebied een speciaal natuurgebied is. Je moet dan toestemming hebben om bijvoorbeeld te vissen. Nederland, Duitsland en Denemarken (de drie landen van de Waddenzee) hebben afspraken gemaakt over zeehondenjacht. De wet van Nederland is de Natuurbeschermingswet. Dat betekent eigenlijk het zelfde als de tweede wet van Europa. Je kan niet zomaar dingen doen zonder toestemming.
2
6.3 Heeft het gewerkt?
Ja, het heeft gewert en het werkt nog steeds. Grote stukken van de Waddeneilanden zijn gekocht door Staatsbosbeheer en de vereniging voor Natuurmonumenten.In die gebieden kunnen vooral de vogels rustig broeden. Daardoor zijn er van sommige vogels nu meer. Bijvoorbeeld meer aalscholvers en lepelaars. Dat kan je zien in grafiek 4.
In 2001 waren er ruim 1500 broedparen en in 2007 waren dat er ruim 4000.
Grafiek 4: Vogels, broedparen lepelaars en aalscholvers
2
Door de wetten van het vorige subhoofdstukje raakt de Waddenzee niet zo vervuild. Dat is goed voor de hele voedselketen. Er zijn nu minder vervuilende plastic stoffen in het water. Dat kan je zien in grafiek 5.
Bij Doove Balg West is het van ruim 3,5 (1996) naar 2 gegaan.
Grafiek 5: watervervuiling door plastic (PCB's)
Beschermen van de Waddenzee heeft dus zin!!!
2
1. Nawoord.
Ik heb veel van dit werkstuk geleerd. Bijvoorbeeld hoe de Waddenzee ontstaan is, wat de voedselketen in de Waddenzee is, dat er vroeger op een rare manier gevist werd en en dat je goed met de Waddenzee om moet gaan.
Ik heb ook geleerd hoe je een werkstuk het beste kan maken.
Bijvoorbeeld: verbinden van de hoofdstukken, de verschillende brilletjes, tabellen, kaarten en grafieken gebruiken en de inhoudsopgave in een tabel zetten. Ik vond de kaart van het hoofdstuk historie heel leuk en handig.Het is een soort tijdplaatje.
Ik heb dus ook veel van de inhoud geleerd. Dat is niet alleen leuk, maar ook handig. Als ik dingen wel wist ging het schrijven extra makkelijk.
Het leukste hoofdstuk vind ik demografie, omdat ik elk jaar op Terschelling kom. Het leukste plaatje vind ik het plaatje met Nederland, Duitsland en Denemarken, omdat je daar heel goed op kan zien dat de Waddenzee niet alleen van Nederland is. Het moeilijkste hoofdstuk vond ik economie, omdat daar (heel gek) niet veel informatie over toerisme en werk te vinden was. Het makkelijkste hoofdstuk vond ik demografie, omdat ik daar al veel vanaf wist.
2
1. Bibliografie
Boeken.
1. Titel: DE WADDEN; WERELD TUSSEN EB EN VLOED.
Schrijver: JAN VAN DE KAM
Uitgever: LANDELIJKE VERENIGING TOT BEHOUD VAN DE WADDENZEE.
Jaar van uitgave: 1990
SISO: 985.2
2. Titel: WADDENEILANDEN.
Schrijver: KEES SIDERIUS EN JAN ABRAHAMSE.
Uitgever: ANWB
Jaar van uitgave: 1994
SISO: 985.3
3. Titel: WADLOPEN.
Schrijver: MONIEK LANGEZAAL
Uitgever: EPN
Jaar van uitgave: 1997
SISO:618.2
4. Titel: GAS IN DE WADDENZEE.
Schrijver: SUSAN VAN SCHIJNDEL
Uitgever: DE RUITER´S
Jaar van uitgave: 1998
SISO: 643.4
Internet.
www.waddenzee.nl
www.ecomare.nl
www.waddenvereniging.nl
www.google.nl
Bezorgd.
Informatiepakket van de Waddenvereniging over de Waddenzee.
2
