Denise-Albanië
Uit Lorentz
Inhoud |
Inleiding.
Mijn vader komt uit Albanië, daarom heb ik dit onderwerp gekozen. Eigenlijk weet ik helemaal niets van Albanië, maar ik wil er wel meer over te weten komen door er mijn werkstuk over te houden. Ik ga wel eens op vakantie naar Albanië, naar mijn opa en oma. Ik ga mijn informatie uit boeken en van het internet halen.
Een eerste kennismaking met Albanië.
De hoofdstad van Albanië is Tirana. Albanië is een van de kleinste landen van Europa. Het land heeft 3,6 miljoen inwoners en de oppervlakte is 28.748 km2, dat is bijna even groot als België. Albanië ligt in Europa, ten noorden van Griekenland. Verder grenst het aan Montenegro, Kosovo en Macedonië. Albanië licht aan de Adriatische zee dit is een deel van de Middellanse zee. Hieronder is te zien waar Albanië ligt.
Beschrijving: de vlag van Albanië is een adelaar met 2 koppen.
Mening: de vlag van Albanië vind ik apart want de adelaar lijkt niet echt op een adelaar maar meer op een draak.
Skanderbeg, de Albanese vrijheidsheld uit de 15de eeuw koos een rode vlag met een tweekoppige aldelaar als zijn symbool. Hij koos voor een adelaar omdat de Albanesen vroeger dachten dat zij van een adelaar zouden afstammen. De vlag werd in ere hersteld in 1912 toen Albanië onafhankelijk werd.
Ook heb ik nog wat vragen die ik wil beantwoorden in dit werkstuk.
- waar ligt Albanië precies?
- Aan welke landen en zeeën grenst Albanië?
- Hoe was de geschiedenis in Albanië?
- Wat zijn de gewoontes?
- Hebben ze daar een bepaald geloof?
- Welke taal spreken ze daar?
- Welk klimaat hebben ze daar?
En nog veel meer.
Geografie.
De vier belangrijkste rivieren die in Albanië liggen zijn: Drin deze rivier ligt in het noorden van Albanië, Mat deze rivier ligt ongeveer in het midden van Albanië, Shkumbin deze rivier ligt onder het midden van Albanië, Vijose deze rivier ligt in het zuiden van Albanië. De rivieren in Albanië zijn niet zoals hier in Nederland, wandt in Albanië zijn er bergen en de rivieren zijn onbevaarbaar. Albanië heeft drie grote meren: Het meer van Shkodër, dit meer ligt in het noorden van Albanië. Het meer van Ohrid, dit meer ligt in het Zuid-Oosten van Albanië. Het Prespameer, dit meer ligt onder het Ohrid meer In het Zuid-Oosten van Albanië. Albanië bestaat voor 75% uit bergen. De hoogste berg is Korab, 2751m hoog. Albanië is wel een klein land maar het landschap is erg verschillend. In het westen van Albanië zijn voornamelijk laagvlaktes te vinden. In het noorden van Albanië zijn er bergen en diepe ravijnen. Landbouw in de bergen is nauwelijks mogenlijk. De bevolking houdt zich bezig met bosbouw en veeteelt. (koeien, schapen, geiten etc.) Omdat Albanië veel bergen heeft blijft slechts ongeveer een vijfde deel van het land over om te bewerken.
De grootste steden van Albanië met inwoners.
| Shkodër | 85.000 |
| Durrës | 100.000 |
| Elbasan | 90.000 |
| Vlore | 80.000 |
| Fier | 55.000 |
| korçë | 55.000 |
| Berat | 45.000 |
| Lushnje | 40.000 |
Metereologie.
De kust van Albanië heeft een mediterraan klimaat, met hete, droge zomers. En zachte natte winters. In de bergen, vooral in het noorden kunnen koude winters voorkomen met sneeuw. En zachte zomers. In de zomer als het heet is, is het ongeveer 35 graden en kunnen bos branden ontstaan, dat gebeurt in de zomer geregeld. Grote gebieden bos verdwijnen dan door de brand.
De meeste regen valt in het noordelijke Alphengebied. In Juli en Augustus kan het echt warm zijn, aan de kust kan de thempratuur tussen 25-35 graden zijn.
Geologie.
Albanië is rijk aan delfstoffen zoals chroom, koper en nikkel. Er is ook olie, maar niet veel. En aardgas maar ook niet veel. In Albanië komen ook aardbevingen voor, omdat Albanië op de breuklijn van een aardkorst ligt.
Economie.
Albanië is een van de armste landen van Europa. Ongeveer 20% van de bevolking verdient te weinig on van te leven. 1 op de 3 Albanezen heeft geen werk. Vele ouderen werken op het platteland, om van hun eigen moestuintje of akker rond te komen. Het grootste probleem is dat het wegennet niet goed genoeg is. Dat geldt niet alleen voor het wegennet maar ook voor de energievoorziening. Zolang de elektriciteit steeds uitvalt hebben de bedrijven daar veel last van, daarom komen buitenlandse bedrijven niet inversteren. Het gevolg hiervan is dat er niet genoeg werk is voor de bevolking. Andere grote problemen zijn: De zwakke regering die de problemen niet aanpakt. Het volgende probleem is de corruptie. Veel mensen worden omgekocht, bijv. de politie. En veel mensen betalen geen belasting waardoor de regering geen geld heeft voor wegen, huizen, bruggen etc.
Gelukkig sturen Albanesen die in het buitenland wonen geld naar Albanië. De economie van Albanië behoort tot de snelst groeiende van Europa met ongeveer 6% per jaar. Na jaren stilstand is er nu beweging in de economie. De economie verandert in een snel tempo van landbouw en industrie naar toerisme en de bouw. Iedereen die een beetje geld heeft opent een café of een winkeltje. Albanië verwacht dat het toerisme veel geld op gaat leveren in de toekomst. Dankzij de sterke economie is Albanië in 2008 geen ontwikkelingsland meer.
Skanderbeg.
De nationale held van Albanië is Skanderbeg. Georg kastriotie, ofwel skanderbeg werd in 1405 geboren. Hij was de zoon van een Invloedrijke familie. Al heel jong kwam hij aan het ottomaanse (Turkse) hof terecht in Constantinopel.( het huidige Istanbul ) Aan het hof kreeg hij de naam Skander (Alexander) en Sultan Murad de 2de gaf hem een militaire opleiding. Skanderbeg vocht in dienst van de Sultan tegen Serven en Hongaren. In 1443 werden de Turkse legers verslagen en Skanderbeg vluchtte naar Albanië met een legertje aanhangers. Hij bevrijdde zijn geboortestad Kruje van de Turken. Samen met een leger van ongeveer 10.000 Albanese strijders slaagde hij erin 25 jaar lang de turken te bestrijden. In 1468 kreeg hij malaria en stierf. Na zijn dood viel Kruje weer in handen van de Turken. Het bevechten van de Turken leverde Skanderbeg wel eeuwige roem op in Albanië en elke Albanese stad heeft wel een Skanderbeg plein of een standbeeld.
Dit is een standbeeld van Skanderbeg.
Historie.
Na 5 eeuwen van Turkse overheersing bood de eerste Balkanoorlog Albanië de kans op onafhankelijkheid. Na opstanden tegen de Turken in 1910 en 1911 kwam het in het daarop volgende jaar tot een algehele opstand. De pogingen van buurlanden om Albanië te verdelen werden verhinderd. Een nationale vergadering van afgevaardigden uit het hele land riep op 28 november 1912 in Vlora de onafhankelijkheid van Albanië uit en stelde een regering in onder leiding van Ismail Qemali.
Begin 1913 kwamen in Londen de Europese grootmachten bijeen. Rusland wilde Albanië opdelen tussen de Balkan staten. Oostenrijk en Italie wilden Albanië inlijven. Maar van wege de Russische dreiging gingen ze akkoord met een zelfstandig Albanië en het grondgebied werd met de helft verkleind. De provincie Kosovo werd aan Servie toegewezen. En een deel van het zuiden aan Griekenland.
Gedurende de Eerste Wereldoorlog vielen diverse buitenlandse troepen Albanië binnen. Daarbij vond 10% van de bevolking de dood. Toen na de vredesconferentie in Parijs de positie van Albanië ter sprake kwam, waren er nog steeds verschillende landen die delen van Albanië wilden opeisen. Echter een groep Albanezen vormden zelf een regering en Tirana werd tot hoofdstad uitgeroepen. De nieuwe regering probeerde Albanië lid te maken van de Volkenbond. En ondanks verzet van verschillende landen lukte dit met steun van Engeland.
Na de Eerste Wereldoorlog kwam de macht in handen van Ahmed Zog. Zog riep de republiek uit en vormde deze 4 jaar later om tot een koningkrijk. Hij liet zichzelf in 1929 tot koning kronen.
Alle democratische vrijheden werden afgeschaft. Tijdens het bewind van koning Zog de 1ste groeide de Italiaanse invloed sterk. Uiteindelijk voerde Italiaanse troepen in 1939 een invasie uit en bezetten Albanië. Koning Zog moest vluchten. In de Tweede Wereldoorlog namen de Duitsers in 1943 de macht over. In 1944 werden de Duitsers verdreven en werd een comunistiche regering gevormd onder leiding van Enver Hoxha.
In 1946 werd Albanië uitgeroepen tot volksrepubliek met Hoxha als president. Bij de opbouw van de socialistische samenleving werd gekeken naar de Sovjet Unie. De industrie werd genationaliseerd en land van grootgrondbezitters werd onteigend. Ook werd duidelijk dat Hoxha een dictator was. Politieke tegenstanders werden opgepakt of vermoord. Na kritiek van Hoxha op Moskou verbrak de sovjet unie alle banden met Albanië. Hoxha vond in communistisch China een bondgenoot maar na de dood van Mao was dit afgelopen en stond Albanië er alleen voor In 1985 overleed Hoxha. Hij werd opgevolgd door Ramiz Alia. Die probeerde hervormingen door te voeren maar de Albanese bevolking had genoeg van het communisme en wilden meer vrijheid en democratie. Na onlusten in Tirana in 1990 probeerden duizenden Albanezen het land te ontvluchten. Alia kon niks anders doen dan toegeven en deed afstand van zijn dubbelfunktie als partijleider en president en stond op 11 december 1990 de vorming van politieke partijen toe. Op 31 maart 1991 vonden de eerste vrije verkiezingen plaats.
Politiek.
Albanië is een republiek. Het heeft een parlement. De leden van het parlement worden gekozen bij de verkiezingen voor een termijn van 4 jaar. Het parlement kiest de president en deze benoemt een premier. De premier benoemt de ministers en deze raad van ministers wordt uiteidelijk goedgekeurd door de president. De belangrijkste politieke partijen zijn: de sosialistische partije (dit is de vroegere communistische partij) en de Democratische partij. Op 31 maart 1991 werden de eerste vrije verkiezingen gehouden en sindsdien wisselen de twee grootste partijen elkaar af als regerings partij. De Albanese politieke partijen zijn het over bijna alles met elkaar oneens behalve over één ding namelijk: de toetreding tot de Europese unie. Het lidmaatschap van de Europese unie is het belangrijkste doel van de Albanese politiek. Albanië is inmiddels toegetreden tot de NAVO. In 1992 was Albanië de eerste ex-communistische staat die het NAVO-lidmaatschap aanvroeg. Het lidmaatschap van de NAVO is een belangrijke stap op weg naar het EU-lidmaatschap. Om lid te kunnen worden van de E.U. moeten er vooral verbeteringen zijn op het gebied van de mensenrechten. Amnesty International krijgt nog veer meldingen over mishandelingen door politie agenten bij arrestaties. Ook zijn de omstandigheden in de gevangenis erg slecht. Volgens de Europese Commissie moet Albanië nog hard werken aan de ontwikkeling van een betere democratie en het bestrijden van corruptie.
Religie.
De rol van religie speelt in de Albanese samenleving geen grote rol. Volgens de officiële cijfers is 70% van de Albanezen moslim, 20% is grieks - orthodox en 10% is rooms - katholiek. Religie heeft weinig invloed op het dagelijks leven van de meeste mensen. Ook de verdraagzaamheid naar anderen t.a.v.geloof is groot. Ook komen gemengde huwelijken veel voor. Het feit dat religie minder belangrijk is binnen de samenleving heeft veel te maken met het communistische verleden. In 1967 werd Albanië officieel tot atheistische staat uitgeroepen. Dit betekende dat godsdienst verboden was. Moskeeën en kerken werden vernield en uitingen en het bedrijven van religie was een misdaad. Dat bleef zo tot in 1990. Een groot deel van de Albanese bevolking is dus opgegroeid zonder religieuze tradities. Dat het grootste deel van de bevolking moslim is heeft te maken me de 5 eeuwen durende Turkse overheersing. In de 16 eeuw was Albanië nog een voornamelijk christelijk land. In de 17 eeuw kwam de Turkse overheersing en de Turken dwongen de bevolking om moslim te worden. Alleen in de bergen in het noorden en het zuiden kon de bevolking het christendom trouw blijven.
Bronnenlijst.
Internet:
Boeken:
Albanië, Hans van de Veen, uitgever: KIT Publishers/Oxfam Novib/ 11.11.11 ISBN: 978 90 6832 692 5
Albanië, Hans van de Veen, Dominicus, uitgever:J.H. Gottmer/H.J.W. Becht bv. ISBN: 978 90 257 4529 5
Albanië, Rudie Kagie, uitgever: KIT, ISBN: 90 6832 347 4
Conclusie.
Het was heel leuk om mijn werkstuk over Albanië te houden. Ik heb veel geleerd over Albanië, bijvoorbeeld over de geschidenis en Skanderbeg (de nationale held). Ik heb nooit geweten dat de vlag door Skanderbeg was gekozen. Ik zou niet in Albanië willen wonen want, er is moeilijk werk te vinden.


