Floris-Geld

Uit Lorentz

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Voorwoord


Ik heb dit onderwerp gekozen omdat mijn vader bij een bank werkt.
Het lijkt me een leuk onderwerp omdat de hele wereld steeds met geld te maken heeft.
Ik hoop dat ik in dit werkstuk een paar vragen te weten kom:
Hoe is geld ontstaan?
Wat voor soorten geld heb je?
Wat doet een bank?
Welke Banken heb je?
Waarvan wordt geld gemaakt?
Wat doet geld met mensen?
Welke functies heeft geld?

Historie


Geld speelt in ons leven een belangrijke rol. Iedereen ontvangt geld en geeft het geld uit.Als dat niet zou gebeuren zou de hele “samenleving’ er heel anders uitzien.
Vroeger werd er nog niet met geld gewerkt dan ruilden ze bijvoorbeeld: schelpen, gereedschap, sieraden, kralen en ook vee.Je hebt drie vormen van geld je hebt: munten, bankbiljetten en “giraal geld” ( dat is pinnen ).In die volgorde zijn ze ook in de geschiedenis gekomen. Tot ver in de vorige eeuw werden alle betalingen nog met munten gedaan. Hoewel de biljetten al op de wereld waren duurde het tot aan het eind van de 19de voor het geld regelmatig werd gebruikt.Giraal geld wordt pas tientallen jaren gebruikt. Tegenwoordig noemen we het ook wel elektronisch geld. De kenmerken van geld zijn: ruilmiddel, spaarmiddel en waardemeter. Meestel gebruiken we geld als ruilmiddel, wie aan het eind zijn salaris ontvangt heeft in feite zijn arbeid geruild tegen geld. Geven we het geld niet uit dan noemen we het sparen.
De eerste munten werden al 550 voor Christus gemaakt. Die munten waren van geheel goud en zilverDe mogelijkheid om te betalen met een creditcard is in 1950 uitgevonden door Ralph Schneider en Frank X Mcnamara. In 1957 kwamen de creditkaarten al op de markt.
“De creditcard heeft daarna een snelle vlucht genomen nadat American Express, Visa en Matercard een wereldwijd netwerk wisten op te bouwen”. Als je tegenwoordig een groot bedrag moet betalen doe je dat met je creditcard, maar als je een klein bedrag moet betalen doen ze dat tegenwoordig met munten of biljetten. Je hebt verschillende bankbiljetten je hebt biljetten van 5, 10, 20, 50, 100, 200, 500, 1000.Tegenwoordig worden eigenlijk het meest alleen nog maar de briefjes 5-50 gebruikt.
Lang geleden wouden mensen de zee op, naar de andere kant van de wereld. Daar namen ze iedere keer weer andere dingen mee om te ruilen. Toen werden er kleine stukjes goud en zilver meegenomen dat was klein en het had een hele grote waarde. Dan hoefde je niet veel mee te om toch veel te kopen. Maar het vervelende van die stukjes is dat je het iedere keer moet wegen. Daarom begonnen ze munten te maken ze waren dan precies even zwaar en je kon er gelijk heel handig mee rekenen. Alleen hadden ze een probleem: sommige mensen schaafden van de munten een randje weg. En dat deden ze dan iedere keer, en dan kon je als snel weer nieuwe munten maken.
Niet veel later kwam de weegschaal er aan te pas, en werden ze gewogen. Maar als je een groot bedrag moest betalen en iedere munt moeste controleren dan was dat geen goede oplossing. Dus toen bedachten ze, we gaan de randjes ribbellen en we maken er een tekstje op. En als dat er niet was de wist je dat er mee geknoeid was.
Op de Nederlandse munten stond vermeld God zij met ons. Tegenwoordig zijn de munten van nikkel, maar tot 1969 werd het geld van zilver gemaakt.
Het God zij met ons werd toen nog steeds bedoeld om “zilverschrapers” tegen te houden.
Het werd steeds onhandiger om met zakken geld over straat te gaan. Toen kwam het idee om het geld bij de smid neerteleggen in een kluis. Dan moest de persoon die daar zijn geld neerlegde daar zijn naam en handtekening zetten. Dan als hij iets wou kopen dan gaf hij een briefje met zijn naam en handtekening erop. En dan gaf hij je het briefje met zijn naam erop en handtekening en dan moest hij het briefje laten zien aan de smid en dan pakt hij het geld uit de kluis en moet je je briefje inleveren en krijg je je geld.
Het kon natuurlijk gebeuren dat iemand doorging met geldwissels uitgeven maar dat hij daar het geld niet voor had. Dan moest de smid zelf zijn geld aan de personen geven. Na een tijdje werd dat natuurlijk onhandig daar bedacht de smid iets op. Je kreeg zoveel briefjes mee als je had. En dan kon je dus niet meer geld uitgeven dan je had.
Op de goudsmidbriefjes hoefden geen naam te staan. Daar stond bijvoorbeeld op goudsmid Piet heeft betaald. De goudsmid kreeg op men gevenmoment zo veel geld dat hij langzaam bankier werd. De briefjes die de smid ging uitgeven werd al snel een bankbiljet. Die bijetten waren makkelijk na te maken want iedereen kende de smid/bankier. Soms waren er zelfs biljetten die uit het buitenland kwamen. Na een tijdje ging de regering zich er mee bemoeien. Toen kwam de volgende wet: Er mag maar een bank zijn die biljetten uitgeeft. De bank kocht dan al het goud van alle smeden, die kregen in ruil daarvoor dan bankbiljetten. Zo waren de bankbiljetten in het hele land hetzelfde. En iedereen wist dat als je het geld niet meer wilde dat je naar de smid kon gaan en dan ruilde je het en kreeg je er goud voor terug.
De eerste bank werd opgericht in Zweden de Riksbank in 1668. De eerste Nederlandse bank kwam in 1814 de Nederlandsche bank. 




Munten


De oudste bekende munten zijn ongeveerin de 7e eeuw voor Christus geslagen door de Lydiërs in wat toen Klein-Azië werd genoemd. Deze munten werden gemaakt van een legering van goud en zilver, die “electrum” werd genoemd. Het is mogelijk dat tijdens de Tsjoe-dynastie in China al in de 8e eeuw voor Christus muntgeld werd gemaakt, maar dat is niet zeker. Tot de zwaarste munten die ooit geslagen zijn horen de Zweedse koperen munten uit 1695, waarvan sommige wel 19.5 kilo wogen.
Op de Yap-eilanden in de Stille Oceaan werden een lange tijd stenen als geld gebruikt. Dat geld werd de rai genoemd. Deze ronde stenen soms wel een doorsnee van 3 meter en die wogen vaak wel honderden kilo’s. Als je dan betaalden kreeg jij bijvoorbeeld de steen, het enige probleem was dat de stenen heel erg groot waren en je die dus niet kon verplaatsen. Daarom moest je in het dorp goed onthouden waar jouw stenen lagen. De meeste van deze stenen lagen voor je huis om je rijkdom te tonen maar niet alles want als je geld kreeg kon je het niet naar je huis toe slepen. Het handige van deze manier was dat er niet gestolen kon worden omdat de stenen zo groot waren. Ondertussen zijn de stenen al vervangen door de Dollar. Er wordt dus niet meer met dat geld betaalt maar er liggen nog wel een paar duizend stenen op het eiland.
De kleinste munten die ooit zijn gemaakt is de “speldenkop” die in het begin van de 19e eeuw in het zuiden van India werd gebruikt. Ze werden van goud gemaakt en ze wogen 28 gram.
De munten met de grootste waarde waren de gouden 200-mohur munten die in de 17e in India werden geslagen in opdracht van de mughal, keizer Sjah Jahan. Deze hadden een diameter van ongeveer 14 centimeter en wogen ongeveer 2 kilo. Ze weten niet precies de waarde maar ze schatten f. 4300,- .
De munten met de laagste waarden zijn de Oostenrijkse 1- Gröschenstukken die in 1947 werden gemaakt. Zo’n Gröschenmunt heeft ongeveer een waarde van een tiende cent. De hoogste prijs door muntenverzamelaars voor een munt betaald, waren in Amerika ongeveer 170.000 gulden die een Canadese verzamelaar kocht het ging hier om Canadese dollar uit 1911. Een Amerikaanse verzamelaar betaalde in 1965 Amerikaanse verzamelaar 122.000 gulden voor een zilveren Russische roebel uit 1825.
<span style="color: #0000ff" />

De gulden

Bankbiljetten


Het is bekend dat er al in de 14e eeuw al papiergeld in China werd gebruikt werd gebruikt. .” Het eerste papiergeld dat werd uitgegeven door een bank ( bankbiljetten ) werd in 1661 in Zweden door de Bank van Stockholm in omloop gebracht”. “ Een gedrukt bankbiljet van de Bank of Engeland met een waarde van £555 werd ub 1699 uitgegeven. Het grootste bekende stuk papiergeld is een Chinees biljet uit ongeveer de 14e eeuw: dit biljet had een afmeting van 33x22 centimeter. Het kleinste biljet komt ook uit China: dit biljet had een afmeting van 5x3 centimeter. Banken maken soms biljetten van zeer hoge en lage waarde voor hun eigen “ intern verrekeningssysteem” : deze biljetten worden nooit in omloop gebracht. De Bank of Engeland heeft bijvoorbeeld wel eens een bankbiljet van $1.000.000 en ook een keer van een penny.

De Euro


"Na alweer een vreselijke oorlog tussen een aantal landen van Europa vonden de mensen dat dit nooit meer mocht gebeuren". Ze konden hun landen overhalen om zich met elkaar te verenigen. Zo ontstond de Europese Unie. De landen ( 12 om te beginnen ) hadden besloten dat het handig zou zijn als ze allemaal hetzelfde geld zouden gaan gebruiken, want het was heel onhandig om iedere keer als je de grens over moest steeds geld te wisselen. Of als je een bedrijf hebt en je hebt in verschillende landen vestigingen als je het geld moest verdelen dan moest je er steeds weer het geld inwisselen. Per 1 januari 2002 betalen we dus met de euro. En als je op vakantie gaat kan je gewoon blijven betalen met de euro. De euro is eigenlijk gewoon de dollar van Amerika.

Economie

Politiek


Geld heeft veel met politiek te maken, er zijn veel partijen die
<span style="color: #0000ff" />

Soorten geld


Australië Dollar
Brazilië Cruzeiro
Chili Escudo
China Yuan
Egypte Pond
Frankrijk Franc

Griekenland Drachme
Groot Brittanië Pond
Israël Pond
Italië Lire
Japan Yen
Nederland Gulden
Noorwegen Kroon
Oost-Duitsland Deutsche Mark
Oostenrijk Shilling
Polen Zloty
Portugal Escudo
Spanje Peseta
Turkije Lira
Verenigde Staten Dollar
West-Duitsland Deutsche Mark
Zweden Kroon
Zwitserland Franc


Hier boven in de tabel zie je welk geld ze in het land vroeger gebruikten. Tegenwoordig hebben de meeste landen hetzelfde geld. De meeste landen hier in de tabel uit Europa gebruiken nu de Euro.
De vijf guldenmunt
In 1988 word de vijfguldenmunt weer ingevoerd
De rijksdaalder
Nederlands voor de Duitse Taler. Grote zilveren munten die vanaf ongeveer 1500 worden geslagen door de graven van Schlick in Joachimsthal. In Duitsland is het gewicht op 28.6 gram zilver bepaald. Behalve de daalder ( f 1.50 ) , is ook het woord dollar afgeleid van Taler.
De gulden
Dit is in de 13e eeuw de algemene benaming voor de ‘gulden Florence’.
Het kwartje
Het kwartje daankt zijn naam aan zijn waarde van een kwart gulden.
Het dubbeltje
De naam dubbeltje stamt uit de tijd dat de florijn nog was opgedeeld in stuivers. Een dubbeltje is dus een dubbele stuiver.
De stuiver
De naam stuiver komt waarschijnlijk van het oud-Nederlandse woord stuf, wat stompje of klein afgeslagen stukje zou betekenen, dezelfde betekenis die ook het woord duit heeft.
De cent
De cent heeft zijn naam gekregen omdat zijn naam komt van het Latijnse woord centisimun wat een honderdsten betekend.

Hoe wordt geld gemaakt?
Geld wordt gemaakt in de Nederlandse gelddrukkerij. De meeste Nederlandse munten worden gemaakt van goud. Dat wordt zo gedaan. Je hebt de vorm van een munt die je wil gaan maken. Je maakt het goud zo warm dat het langzaam gaat smelt, als het gesmolten is dan giet je het goud in de munt en laat je het weer koud worden. En dan heb je een munt. Het wordt nu nog vaak geprobeerd om geld na te maken met munten gebeurd dat nog maar zelden omdat het maken duurder is dan de munt zelf. Maar bij biljetten gebeurd het heel vaak. Hieronder zie je een echt biljet.


Als je naar het biljet kijkt zie je aan de rechter kant het zilveren teken dan kan je zien dat het biljet echt is. Tegenwoordig heb je ook machines waar je het geld doorheen moet halen als de machine piept de is het briefje vervalst.
Het maken van bankbiljetten duurt lang dat komt omdat de drukkers niet willen dat het geld wordt nagemaakt. Bij het maken van bankbiljetten zijn er vier fasen: het ontwerp, de keuze van het papier, het mengen van de inkt en het drukken. Het drukken heeft ook weer drie verschillende fasen: diepdruk, offsetdruk en hoogdruk. Als het ontwerp klaar is wordt er een schets gemaakt en als die klaar is wordt er een diepdruk van gemaakt. Bij de diepdruk wordt met twee scherpe etsnaalden het ontwerp in een plaat gesneden. Daarna wordt met een bruineerstaal het oppervlak gladgemaakt. Als het voorbereidende werk klaar is wordt er met het biljet vier kleurproeven gedaan: de gele proef, de blauwe proef, de rode proef en een combinatie van die drie. In een bankbiljet zit ook een veiligheidsdraad, die was vroeger van metaal en tegenwoordig van plastic. Dit is voor iemand die geld wil namaken een van de moeilijkste dingen om na te maken.


Zelf geld maken

Materiaal:
• Zink korrels (Zn)
• Koperen 1ct muntstukjes
• Bekerglas 150 ml
• Horlogeglas
• Roerstaaf
• Natronloog (NaOH)
• Kroezentang
• Bunsen brander
• Driepoot
• Spiritusbrander
• Azijnzuur - huishoud
• Spatel
• Glazen bakje
• Tissues
Uitvoering:
• Maak een 25 ml oplossing van 3-6 M NaOH in het bekerglas van 150 ml.
• Leg er enkele zink korrels in mbv een spatel (let erop dat de loog niet op je handen of in je gezicht spat)
• Plaats het bekerglas op de driepoot, leg het horlogeglas erop, plaats de spiritusbrander eronder en steek deze aan.
• Roer regelmatig even met de roerstaaf
• Maak ondertussen de munten schoon door ze in een bakje met azijnzuur te leggen. Zorg ervoor dat ze niet op elkaar liggen en draai ze ook om.
• Haal, als de doffe kleur verdwenen is, de muntstukken met de tang uit de loog oplossing, spoel ze even af onder de kraan en leg ze vervolgens in de zink/loog oplossing.
• Observeer.
• Draai de muntstukken ook om zodat ze egaal verkleurd zijn.
• Haal de muntstukken na 5-10 min met de tang uit de zink/loog oplossing, spoel ze voorzichtig af onder de kraan en droog ze met de tissues.
• Probeer te vermijden dat je de muntstukken met je vingers aanraakt.
• Steek de bunsen brander aan.
• Pak een muntstuk vast met de tang en houdt het in de vlam.
• Observeer.
Resultaten:
Onbehandelde munten
Zink/loogoplossing maken
Munt erin
Na enkele minuten zien we dat de munten een zilverachtige kleur gekregen hebben.
Voor en Na "verzilveren"
Ik kwam helaas een hand tekort om de foto's te maken terwijl de munt in de brandervlam gehouden wordt. We zien echter dat de muntstukken nu een goudachtige kleur verkrijgen.
Eindresultaat
Om te kijken of het het resultaat goed te bewaren is heb ik de munten ingesealed.

Persoonlijke instellingen